Alle onderstaande teksten zijn van Hubert Topke, voorzitter Culturele Raad Lede. Waarvoor dank.


De zusters augustinessen en hun kostschool voor adellijke juffrouwen

Op 22 juni 1897 kochten de ‘Zusters Kanunnikessen van de Heilige Augustinus van Jupille’ het domein voor bijna tweederden van de prijs, zijnde 97.000 Belgische frank (2.405 euro).
In afwachting van de realisatie van hun bouwplannen, een kostschool voor adellijke juffrouwen, bewoonden de zusters het markizaatkasteel.

De eerste grote ‘verbouwing’ was het verwijderen van de 3 weinig-zedig-uitziende vrouwen- beelden die zich bevonden op en naast het fronton op de voorgevel. De beelden verhuisden naar de spiegelvijver in het stadspark van Aalst. Een deel van de industriële gebouwen werd afgebroken.

De Leedse bouwmeester Théophiel Présiaux ontwierp de gebouwen in neogotische stijl. Het imago van de gebouwen stond duidelijk in het teken van de ‘verwachte klanten’.

In 1900 startten ze reeds met het bouwen van de oostelijke schoolvleugel, kant Markizaatstraat en het secretariaat op de hoek Kasteeldreef en Kasteelstraat.

Het internaat kende een groot succes zodat uitbreiding nodig werd. In 1906 werd de zuidvleugel met de kapel, kant Kasteeldreef opgetrokken. Er werd hoegenaamd niet zuinig omgesprongen met de gebruikte materialen en sierlijke ornamenten. Het metselwerk werd tot in de fijnste details uitgevoerd. De uitstraling was schitterend.

De traphallen, de plafonds, de bevloeringen, de bepleisteringen waren dermate luxueus dat ze ‘navenant’ waren met het kostschoolpubliek.

Voor de realisatie van de kapeltorenspits werd staal als draagstructuur gebruikt. Deze werkwijze was voor die tijd inno-verend en zeker aan discussie onderhevig. Men kende wel de Eiffel-toren in Parijs … maar dit was hier in Lede ! Al onze torens werden immers met een houten gebinte gemaakt !


Wereldoorlog I

Het domein werd in 1917 herschapen in een ‘Kriegslazaret’ met 400 bedden. Alle onderwijs werd gestopt. Gekwetste en zieke frontsoldaten werden via het spoor en het nabijgelegen station in de schoolgebouwen ondergebracht.
Op 15 november 1918 verlieten de Duitse soldaten de gebouwen. De schade aan het interieur was zo groot, dat de zusters besloten de ganse eigendom te verkopen. Ze dienden een oorlogschadeclaim in van ruim 35.000 frank (868 euro) die ze - gezien hun bestuur uit diverse nationaliteiten bestond - met moeite hebben ontvangen.
De zusters verlieten Lede en verlegden hun werkterrein naar het moederklooster in Jupille en naar de scholen te Parijs en Ubbergen in Nederland.

De Zusters Kanunnikessen hadden het Markizaatdomein verkocht maar er bleven nog kinderen die naar school wilden … .
En hier begon het levensverhaal van een andere school, den Bellaert.
We schreven 1920 en er waren de paardenstallen in de boerderij van het Markizaat !
Er was een juffrouw Marie De Brabandere die het bestuur in handen nam (op vraag van de Zusters Kanunnikessen) en er in slaagde de school te doen ‘aannemen’ door de gemeente. In de stallen werden 2 ruimten (klassen !) gemaakt met schutsels op ‘manshoogte’. Elke ‘klas’ was onderverdeeld in 1 kleuter en 1 lagere.
Ondertussen was het ‘Koninklijk Gesticht van Mesen’ de nieuwe eigenaar geworden : de gebouwen werden opgeknapt, het Hollands Paviljoen werd gebouwd … en juffrouw Marie werd gevraagd om te verhuizen.

Bron: brochure Open Monumentendag 2013 - het beste van 25 jaar (Hubert Topke)